Lieve Pim

Lieve Pim,

 

Het is nu tien jaar verder en ik heb u alles vergeven, al weet ik weet niet meer precies waar ik nou boos om was.
Het enige wat ik nog weet is dit: toen u stierf hebben mijn vrienden en ik, toen wij van uw moord vernamen, ons spel voetbal niet gestaakt.
Zo boos waren we kennelijk.
Het kwam erop neer dat we ervoor kozen om, wat een belangrijk moment in de Nederlandse geschiedenis zou worden, geruisloos voorbij te laten gaan.
Iemand mompelde mild ‘lekker hoor’, alsof uw moord een aardig doelpunt was.
Wel gingen we feller voetballen. Ik trapte zelfs iemand onderuit die ik pas net had ontmoet.
Als we elkaar hadden gekend, dan hadden we elkaar waarschijnlijk niet gemogen.
U had me maar ongrijpbaar gevonden en terecht: zo zou ik me waarschijnlijk hebben opgesteld, aangezien ik u niet mocht.
Ik, ik had u raar gevonden. En veel te uitgesproken.
Maar, aangezien ik u vergeven heb, sluit ik me eindelijk aan bij de mensen die van mening zijn dat u beter niet vermoord had kunnen worden.

 

warme groet,

Mo